Gezelligheid in Sint Maarten

De tocht van Saba naar Sint Maarten was niet zo ver en we hebben weer heerlijk gezeild. Sint Maarten bestaat uit een Nederlands deel in het zuiden en een Frans deel in het noorden (Saint Martin). Maar in tegenstelling tot België worden deze delen wel min of meer onafhankelijk bestuurd. We hadden begrepen dat de douaneprocedure aan het Nederlandse deel ingewikkelder en duurder was, en hoewel we wel een klein beetje nationalistisch zijn, houden we toch meer van onze eigen portemonnee, dus zijn we lekker naar Marigot Bay gevaren aan de Franse kant. Het laatste stuk richting de baai was tegen de wind in. Helemaal geen straf, want we hadden daglicht genoeg en een beetje laveren, daar zijn we niet vies van. Het ankeren ging super makkelijk en toen we ‘s avonds gingen koken zagen we dat de Satisfaction vlak naast ons was gaan liggen. Even verderop lag de Bojangles al voor anker. Dit beloofde één en al gezelligheid te worden.

Vincent van de Bojangles kwam gelijk even langs om te vragen of we nog iets nodig hadden. Hij ging zelf even zijn gasflessen ophalen bij de watersportwinkel. Ik maakte van de gelegenheid gebruik om mee te liften, want bij diezelfde watersportzaak konden we de hele incheckprocedure doen. Om daar te komen moesten we een ophaalbrug onderdoor die naar de lagune binnenin Sint Maarten leidt. Deze ervaring deed wel weer een beetje denken aan varen in Nederland, super leuk dus! We dronken samen nog even een biertje nadat Vincent zijn flessen op had gehaald en ik had ingecheckt en keerden terug naar de baai. Onderweg vertelde Vincent me nog dat er de volgende dag een lezing zou zijn over de oversteek naar de Azoren en Europa. Daar had ik wel oren naar, dus onze volgende activiteit stond alweer gepland.

Het was zo’n 45 minuten varen met onze rubberboot vanaf de Franse baai naar de watersportzaak aan de Nederlandse kant, waar de lezing gehouden werd. Best wel leuk dus, zo’n stuk varen met de rubberboot. De lezing zelf was interessant, maar vertelde niet veel wat we nog niet wisten. Aan de andere kant deed het ons wel realiseren dat de oversteek terug lastiger zou gaan worden dan de oversteek van Kaapverdië naar Grenada. Goede informatie over het weer is eigenlijk onmisbaar om niet vast te komen zitten in een zone zonder wind, of misschien wel erger nog, verrast te worden door een storm op zee. Vlak na de lezing spraken we nog even met een van de presentatoren over manieren om weer binnen te halen aan boord. Een techniek waarbij je een kleine wereldontvanger op batterijen kon gebruiken samen met een smartphone of laptop leek mij wel super interessant. Maar zie zo’n klassieke radio maar eens te vinden op zo’n eiland… helaas is dat niet meer helemaal techniek van deze tijd. De lezing eindigde met het openen van drie reddingsvlotten. De eerste, een hele oude, werkte inderdaad niet goed meer en we zagen wat meer piraatachtige types in het publiek wel wat moeilijk kijken. Waarschijnlijk varen die nog rond met een reddingsvlot uit de jaren 70. Daarna werden twee relatief nieuwe vlotten opgeblazen: een kustvlot en een oceaanvlot. Het was wel gaaf om te zien hoe dat ging en wat de verschillen zijn. Wij zijn in ieder geval blij dat we met een mooi oceaanwaardig reddingsvlot rondvaren dat nog goedgekeurd is tot 2024. Adam en Kathryn van de Hannah Penn waren ook bij de lezing en we besloten met z’n vieren nog een biertje te drinken bij de Lagoonies bar om de hoek. Deze bar had gewoon een aanlegsteiger voor de rubberboten, ideaal. Na één biertje (echt waar) voeren we met de zonsondergang terug naar de Franse baai. Onderweg hebben we nog een andere rubberboot een stukje gesleept omdat hun motortje het niet meer deed, maar die kregen ze na een half uurtje weer aan de praat. We kwamen net na zonsondergang aan boord en doken maar snel ons bedje in.

De volgende dag kregen we van Dennis van de Satisfaction te horen dat er een auto was geregeld om het eiland rond te rijden. Deze luxe bolide had ruimte voor 8 personen en was van alle gemakken voorzien, waaronder elektrisch bediende schuifdeuren. Samen met Job, Nick, Hidde, Guus en Petra racete Dennis ons het hele eiland over. Onze eerste stop was het strandje waar de vliegtuigen vlak over vliegen om te landen. Grappig genoeg waren de toeristen die hier op afkwamen eigenlijk een grotere beleving dan de vliegtuigen die af en toe langs kwamen vliegen. De luide paarsverbrande Amerikanen met hun liter-cocktails stalen toch echt de show. Al met al vonden we het niet de moeite waard om hier nog veel langer te blijven dus we gingen weer op pad richting Philipsburg, de hoofdplaats van het Nederlandse deel. Omdat hier de grote cruiseschepen aanmeren waren er veel kleine toeristische winkels, maar we hadden ergens achteraf een prima restaurantje gevonden om lekker te lunchen.

Na de lunch zijn we naar een plek gereden waar de schade van een recente orkaan nog heel goed zichtbaar was. Een hele jachthaven met accommodatie was compleet verwoest en niet meer bruikbaar. Het was wel bijzonder om hier rond te lopen en geconfronteerd te worden met de schade na afloop van extreem natuurgeweld. Sowieso is dat wel iets waar we tijdens onze reis veel bewuster van zijn geworden: de natuur is ontzagwekkend en meedogenloos, ook al probeert men zich daar in het dagelijks leven zo min mogelijk van aan te trekken. We sloten de dag af met een wandeling langs een strand en een drankje in een strandtentje. Hier realiseerden we ons dat we maar verwend zijn geraakt met onze reis door de Carieb. Dit strand stond namelijk bekend als het mooiste strand van Sint Maarten, maar in vergelijking met de andere stranden die we de afgelopen maanden hadden gezien viel het maar wat tegen. Gelukkig verveelt goed gezelschap nooit.

Met het zelfde gezelschap vertrokken we de volgende dag weer om een mooie wandeling te maken naar het hoogste punt van het eiland. Omdat Dennis niet bang was om wat minder begaanbare weggetjes in te slaan met de grote auto, kwamen we eigenlijk super dicht bij het einde van de wandeling uit, dus we waren maar zo op de top. Iedereen had nog wel energie over, dus ik pakte mijn telefoon erbij om een route te improviseren. Lianne zag de bui al hangen. Het eerste stuk bestond uit een leuk pad door hoog gras. De uitzichten waren niet super spectaculair, maar we maakten prima voortgang. Ik had inmiddels bedacht dat we wel een rondje konden lopen via een dorpje in het dal. Het plan was om tot de elektriciteitsmasten door te lopen en via daar naar beneden te gaan. Maar het pad werd natuurlijk steeds slechter en Lianne waarschuwde iedereen dat het niet de eerste keer zou zijn dat we een doodlopend pad in zouden wandelen en dat we het hele stuk terug tegen de berg op zouden moeten lopen. Uiteindelijk was iedereen het er over eens dat we maar beter niet verder moesten wandelen.. Toen we terugkeerden naar de auto zagen we nog wel een groep apen! Ze zaten lekker in een mangoboom vruchten te eten.

Verder zijn we met de auto nog naar Fort Amsterdam in Philipsburg geweest, waar we hebben genoten van mooie uitzichten en grote leguanen, en naar een strandje waar we mooi zouden kunnen snorkelen, maar dat viel helaas tegen. Daarnaast hebben we van elk supermarktbezoek gebruik gemaakt om water mee te nemen naar de boot, alvast ter voorbereiding van onze oversteek terug naar Europa.

Daarna was het eindelijk tijd om even wat klusjes te doen aan de boot. Ik wilde graag het roerblad van onze windvaan en wat plekjes op het dek van Saga verven. De vetpot moest bijgevuld worden en we wilden de functionaliteit van onze noodbakens testen. Lianne is nog de mast in gegaan om alles te controleren en ik heb de zonnepanelen nog iets anders geprogrammeerd om meer opbrengst te behalen. Ook werd het hoog tijd dat ik de koelkast eens op 12V aan de praat zou krijgen. Tot nu toe gebruikten we daar altijd de omvormer voor, maar eigenlijk is dat super inefficiënt. Het probleem was alleen dat de stroomkabels in onze schakelkast te dun waren voor de hoge stroom die de koelkast kan trekken. Omdat ik de dag ervoor bij de Bojangles aan boord met Vincent heb gekeken naar zijn stroomvoorziening, had ik weer de juiste motivatie om zelf die klus aan te pakken. En uiteindelijk was het ook zo gepiept. De koelkast draait nu dus mooi direct op 12V en dat scheelt ruim 30% energieverbruik!

Maar de klusjes hielden daar nog niet op. We voeren bijna dagelijks met de rubberboot naar de kant om naar de supermarkt te gaan om wat inkopen te doen voor de oversteek. Aan de ene kant was dit een uitje op zichzelf, omdat deze supermarkt in vergelijking tot de rest van de Carieb een enorm assortiment had, maar uiteindelijk was het ook pure noodzaak. Regelmatig kwamen we andere Nederlanders tegen bij de grote bijbootsteiger, waar het soms verrassend moeilijk was om een plekje te vinden vanwege de drukte. Op een gegeven moment spraken Jacco en Jannie van de Maaike Saadet ons aan en vroegen of wij van de blauwe Koopmans waren. Van Vincent en Jojanneke hadden we al gehoord dat dit ook hele leuke mensen waren, dus we spraken snel af om een kopje koffie te komen drinken. En grappig genoeg zijn we daar de volgende dagen bijna dagelijks langs geweest voor een heerlijk kopje koffie en gezelligheid. We waren onder de indruk van hun verhalen. Ze zijn met hun boot naar Groenland geweest, en met hun vorige boot helemaal in Zuid-Amerika. En dan kennen zij weer mensen die nog veel extremere reizen hebben gemaakt. Wij luisterden altijd geboeid naar hun mooie verhalen, half dromend over nog verdere reizen dan waar we nu al mee bezig zijn.

Ook kwam inmiddels het weer al veel vaker aan de orde. Soms aan boord van de Bojangles, soms aan boord van de Maaike S. We zaten met z’n allen al een beetje te vlassen op een goed moment om Sint Maarten te verlaten richting Bermuda. Maar het bleek dit jaar nog niet zo makkelijk te worden. Het Azoren hoog, wat normaal gesproken het weer domineert, was dit jaar ver te zoeken. En een echt goed moment om te vertrekken deed zich nog niet voor. Lianne en ik begonnen steeds nerveuzer te worden over onze aanpak, en besloten dat we toch maar moesten investeren in een Iridium GO! Voor onze oversteek. Met dit apparaatje kun je namelijk e-mails versturen en gedetailleerde weerkaarten binnenhalen, zodat je onderweg in contact kan blijven met de buitenwereld en de route zorgvuldig kunt plannen. Maar dit apparaatje aanlopen was zo makkelijk nog niet. Bij de Île Marine, een bootjeswinkel, hadden ze er eentje te koop voor €1250. Dit zou een enorme deuk in ons budget slaan, dus ik probeerde eerst maar eens via de radio te vragen of iemand er eentje tweedehands te koop had. Elke ochtend om 07:30u was er namelijk het radionet van Sint Maarten, en één van de rubrieken was “Buy, Sell or Swap”. Helaas kon niemand ons blij maken en besloten we maar diep in de buidel te tasten bij de Île Marine. Des te meer omdat ze er nog maar ééntje op voorraad hadden, en het twee weken zou duren voordat de voorraad aangevuld zou worden. Maar het verhaal houdt hier nog niet op. Want van de Jacco en Jannie hadden we namelijk gehoord dat er een vlooienmarkt werd georganiseerd voor bootjesspullen aan de Nederlandse kant. En laat hier nou net een Fransman staan die een Iridium te koop had voor €500! Wij baalden natuurlijk als een stekker dat we niet net nog een dagje hadden gewacht, maar zagen dit ook wel als een mooie kans. Uiteindelijk stelde ik de verkoper, genaamd Jean Noël (John Christmas) voor dat ik hem sowieso wilde kopen en dat hij alvast €100 kreeg, maar dat ik nog even terug moest naar de boot (1,5 uur varen heen-en-weer) om meer cash op te halen. Lianne zou in de tussentijd aan wal blijven omdat de rubberboot sneller is met maar één persoon erin. Toen ik terugkwam was Jean net zo blij om mij te zien als ik hem. Hij had namelijk nog vijf andere mensen moeten teleurstellen omdat hij al de deal met mij had gemaakt. Dus toen waren wij de gelukkige eigenaar van 2 Iridium GO!’s. Op de terugweg kwamen we net voor sluitingstijd aan bij de Île Marine. We vroegen vriendelijk of we de reeds gekochte Iridium terug mochten brengen, en omdat we hem nog niet eens uit de plastic zak hadden gehaald was dit geen enkel probleem. Dat was voor ons wel een pak van het hart. Het geld moest nog even op zich laten wachten, maar uiteindelijk hebben we dat allemaal cash teruggekregen. Wij waren blij dat het toch nog zo goed is uitgepakt.

Vincent en Jojanneke zagen inmiddels hun kans schoon om richting Bermuda te varen. Wij zagen het nog niet helemaal zitten omdat er relatief weinig wind was en de kans op moteren heel groot was. Uiteindelijk heeft Vincent de juiste keuze gemaakt, want er was meer wind dan voorspeld en ze hadden een comfortabele tocht richting Bermuda. Maar wij zaten zeker niet bij de pakken neer, want Koningsdag stond voor de deur, en Joep van de J133 “Miesje” had bij een bar-restaurant geregeld dat we met een grote groep Nederlanders (en Vlamingen) een feestje zouden bouwen. Dit was zo’n succes dat een paar dagen later op dezelfde plek nog een vrijdagmiddagborrel werd georganiseerd. Super gezellig, want hier kwamen we weer mensen tegen die we sinds Kaapverdië niet meer hadden gezien.

In eerste instantie hadden we ons voorgenomen om eind april te vertrekken richting Bermuda. Maar het weer stond ons steeds net niet aan. En ergens maakten we keer op keer ook wel de juiste beslissing, want steeds als de voorspellingen net niet helemaal naar onze zin waren hoorden we van boten die toch vertrokken waren dat het ze niet was meegevallen. En ook hier konden we wel weer een positief aspect vinden, want omdat we niet op zee waren tijdens onze trouwdag (29 april, weet je nog?) konden we onszelf lekker trakteren op een avondje uit eten. En we zijn ook nog lang genoeg gebleven om het carnaval van Sint Maarten mee te maken. Hier hadden we in eerste instantie niet zoveel van verwacht omdat het carnaval van Martinique heel hoog staat aangeschreven, maar eigenlijk waren we van deze nog veel meer onder de indruk. De extravagante en schaarse outfits van de deelnemers, in combinatie met het feit dat de optocht op zichzelf echt super lang duurde, maakte het behoorlijk indrukwekkend.

Inmiddels zat Saga tjokvol met eten en drinken en waren wij wel uitgefeest. Het weer naar Bermuda zat nog steeds niet mee en we begonnen ons mentaal voor te bereiden op een directe oversteek naar de Azoren. Een aantal andere bevriende schepen, waaronder de Escapade, JestX, Miesje, Toubab en Halea hadden hetzelfde plan en 8 mei leek een prima moment om te vertrekken qua weer: de eerste paar dagen zou heerlijk zeilen worden en later zou er wat minder wind zijn, maar verder dan vier dagen kun je toch niet echt vooruit kijken. We haalden het anker op, gooiden nog voor de laatste keer de water- en dieseltanks vol en gingen de laatste nacht aan een ankerboei liggen. De grote oversteek terug lag letterlijk en figuurlijk voor de boeg.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *